De eerste week met echte lessen was spannend, maar ook heel interessant. Op de eerste dag leerde ik mijn klas kennen. Mijn medestudenten komen van overal: Nederland, Duitsland, Zwitserland, Noorwegen, Zuid-Afrika en Frankrijk.
Daarna begon de eerste echte les. Mijn twee docenten, Siv en Kari-Anne, gaven een introductie over het begrip duurzaamheid. Het was een interessante les waarin we met elkaar in gesprek gingen over wat duurzaamheid nu eigenlijk betekent. We gingen dieper in op de verschillende aspecten ervan, zoals milieu, politiek en economie.
Later in de week gingen we op excursie naar Frognerseteren. Daar kregen we les op de manier waarop leerkrachten hier buitenonderwijs geven aan kinderen.
We begonnen met het determineren van bomen aan de hand van takken. Daarna maakten we ons eigen kampvuur.
Om bij leerlingen frictie te verduidelijken, gingen we sleeën met matten. Eerst alleen, daarna per twee, om aan te tonen dat je met meer gewicht sneller naar beneden gaat.
Voor de pauze maakten we samen roomijs. We mengden melk, vanille en suiker en zetten de pot in de sneeuw. Door constant te roeren, kregen we na tien minuten heerlijk ijs. Een andere methode was om de ingrediënten in een klein zakje te doen en dat zakje vervolgens in een grotere zak met sneeuw en zout te steken. Zo kan je aan kinderen uitleggen wat er precies gebeurt en welke reactie er plaatsvindt tussen het zout en de sneeuw.
Onze excursie zou normaal wat langer duren, maar werd ingekort omdat de Spaanse studenten het erg koud hadden 🙂
Samen met enkele klasgenoten vonden we dat de dag wel wat langer mocht duren. We huurden nog sleeën en gingen opnieuw naar beneden. Het was ongeveer vijftien minuten sleeën naar beneden, waarna we met de trein terug naar boven gingen om nog eens te gaan. De dag eindigde helaas minder goed: de baan was erg ijzig, ik vloog van de baan en botste met mijn been tegen een boom. Met een zwaar verstuikte enkel ging ik weer naar huis… 😕
Maak jouw eigen website met JouwWeb